Begin jaren zeventig: Merckx domineert het mondiale wielrennen en de Tour zoals nooit iemand eerder dat deed. Eén van de voorbije jaren is hij op kop van het peloton door ons dorp geraasd, in de laatste kilometers van de rit naar Maastricht die door zijn ploeggenoot Julien Stevens werd gewonnen. "Als Eddy had gewild... maar ja, hij moet zijn ploegmaats ook iets gunnen."
Het overkomt de fietsende half-god maar een paar keer per seizoen… ‘goede
benen’. Of het een fysiek hoogtepunt is of meer zegt over het gezelschap van
die specifieke rit blijft altijd de vraag. Feit is dat het fietsen in optima forma is. Het
zijn ritten waarop je niet stuk bent te krijgen, je mederijders des te meer:
"Ich fahre alles kaput ! " *
Voor de eenzame fietser is er geen volgwagen die hem op de moeilijkste momenten een energiebar aanreikt en zijn er geen revitaliseringsposten met isotone dorstlessers. Diegenen die de Waalse wegen trotseren hebben maar één thuis tussen start en finish: het frietkot.